Google Search Console is een gratis dienst van Google die laat zien hoe je website in Google Zoeken staat. Je ziet voor welke zoekopdrachten je pagina’s verschijnen en hoe vaak mensen erop klikken. Ook zie je of Google je pagina’s kan vinden en indexeren en welke problemen Google op je site tegenkomt. Je hoeft je niet aan te melden om in de zoekresultaten te komen, maar zonder Search Console weet je niet hoe Google je site ziet (bron: Over Search Console, Google).
Google SEO Tool is een onafhankelijke website en hoort niet bij Google. De namen van menu’s en rapporten op deze pagina hebben we in 2026 nagekeken in de officiële helppagina’s van Google. Google past die namen regelmatig aan, dus bij elke functie staat de bron erbij.
Wat laat Search Console je zien?
Volgens de helppagina van Google gebruik je de tools en rapporten in Search Console voor vijf taken:
- bevestigen dat Google je site kan vinden en crawlen
- indexeringsproblemen oplossen en indexering aanvragen voor nieuwe of bijgewerkte pagina’s
- verkeersgegevens uit Google Zoeken bekijken: hoe vaak je site verschijnt, voor welke zoekopdrachten en hoe vaak mensen doorklikken
- meldingen ontvangen als Google problemen met indexering, spam of andere zaken tegenkomt
- bekijken welke sites naar je website linken
Daarmee is Search Console de gratis bron van Google zelf voor je zoekmachineoptimalisatie. Je hebt alleen een Google-account en een recente browser nodig. Search Console werkt het best samen met andere gratis Google-tools zoals Analytics en PageSpeed Insights.
Google Search Console instellen: een property toevoegen
In Search Console heet een website die je volgt een property. Voordat je gegevens ziet, voeg je een property toe via de propertykiezer en de knop + Property toevoegen. Daarna bewijs je dat de site van jou is. Google biedt twee soorten websiteproperty’s (bron: Een property toevoegen, Google):
|
Soort property |
Wat valt eronder |
Verificatie |
|
Domeinproperty (voorbeeld.nl) |
Het hele domein, met alle subdomeinen zoals www en m, op http en https |
Alleen via een DNS-record bij je domeinbeheer |
|
Property met URL-voorvoegsel (https://www.voorbeeld.nl/) |
Alleen URL’s die precies met dat adres beginnen, inclusief http of https |
Meerdere methoden, je kiest er zelf één |
Heb je toegang tot je DNS-instellingen, kies dan de domeinproperty: die vangt alle varianten van je site in één keer. Werk je met één onderdeel van een site, zoals een map voor een ander land, dan past een property met URL-voorvoegsel beter. Volgens Google verschijnen de eerste gegevens na een paar dagen. Zie je daarna nog niets, controleer dan of je het juiste adres hebt opgegeven, bijvoorbeeld https in plaats van http.
Het prestatierapport: zoekopdrachten, klikken en CTR
Voor vragen over je vindbaarheid is het prestatierapport de eerste plek om te kijken. Standaard toont het de cijfers van de afgelopen drie maanden, met vier statistieken (bron: Prestatierapport, Google):
- Klikken: hoe vaak iemand vanuit de zoekresultaten op je site klikte
- Vertoningen: hoe vaak je site in de zoekresultaten verscheen
- CTR (klikfrequentie): het aantal klikken gedeeld door het aantal vertoningen
- Gemiddelde positie: de gemiddelde positie van je hoogste resultaat
Onder de grafiek groepeer je de cijfers per zoekopdracht, pagina, land, apparaat, zoekopmaak of datum. Met de tab Zoekopdrachten zie je met welke woorden mensen je vinden. Dat zijn niet altijd de woorden die je verwacht: soms blijkt je bedrijfsnaam niet het beste zoekwoord. Staat een pagina gemiddeld op de eerste pagina en krijgt hij veel vertoningen maar weinig klikken, dan is een betere paginatitel of meta description de eerste stap.
Let wel op hoe Google telt. In de grafiek telt Google per property: verschijnen twee pagina’s van je site bij één zoekopdracht, dan is dat één vertoning met de hoogste positie. In de tabel per pagina telt elke URL apart. Daardoor kloppen de totalen van grafiek en tabel niet altijd met elkaar (bron: Over de gegevens, Google).
Indexering controleren met URL-inspectie en Pagina-indexering
Een pagina die Google niet heeft geïndexeerd, kan niet in de zoekresultaten verschijnen. Search Console geeft je twee plekken om dat te controleren.
Het rapport Pagina-indexering toont hoeveel URL’s van je site Google heeft gecrawld en geïndexeerd. Per reden zie je waarom andere URL’s niet in de index staan (bron: Pagina-indexering, Google). Schrik niet van niet-geïndexeerde URL’s in die lijst. Volgens Google hebben de meeste sites er minstens een paar, bijvoorbeeld door een bewuste noindex-tag of door een doorverwijzing. Het gaat erom dat je belangrijkste pagina’s wel geïndexeerd zijn.
Met de URL-inspectietool bekijk je één pagina: staat hij in de index en ziet Google problemen? Heb je een pagina net gepubliceerd of aangepast, dan klik je op Indexering aanvragen (bron: URL-inspectietool, Google). Google zet de pagina dan in de wachtrij. Dat duurt meestal ongeveer een dag, maar kan ook een week of twee duren, soms langer. Een aanvraag is geen garantie dat de pagina in de index komt. Er geldt een daglimiet, dus voor veel pagina’s tegelijk dien je beter een sitemap in.
Sitemaps, links en Site-vitaliteit
Een sitemap is een bestand met de adressen van je pagina’s. In het rapport Sitemaps plak je de URL ervan in het vak Een nieuwe sitemap toevoegen en klik je op Sturen. Google haalt de sitemap dan meteen op en toont of dat is gelukt (bron: Rapport Sitemaps, Google). Volgens Google heb je bij een kleine site van ongeveer 500 pagina’s of minder, waarvan elke pagina via links vanaf je homepage bereikbaar is, waarschijnlijk geen sitemap nodig.
Het rapport Links toont welke pagina’s de meeste externe links krijgen, welke sites het vaakst naar je linken en welke teksten ze daarbij gebruiken. Ook je interne links staan erin. Het is een steekproef en geen volledige lijst (bron: Rapport Links, Google).
Snelheid en gebruiksgemak, onderdeel van de technische pijler van SEO, vind je in het rapport Site-vitaliteit (op de helppagina ook rapport Core Web Vitals genoemd). Het beoordeelt groepen pagina’s op mobiel en desktop als Goed, Verbetering nodig of Slecht. Dat oordeel rust op drie metingen: LCP (laadtijd van het grootste element), INP (reactie op klikken en tikken) en CLS (verschuivende elementen). De cijfers komen van echte bezoekers via het rapport Chrome-gebruikerservaring (bron: Site-vitaliteit, Google).
Handmatige acties: als Google ingrijpt
Stelt een reviewer van Google vast dat pagina’s van je site het spambeleid van Google schenden, dan volgt een handmatige actie. Die pagina’s zakken in de zoekresultaten of verdwijnen eruit. Je krijgt daarvan een melding in Search Console en ziet de details in het rapport Handmatige acties (bron: Handmatige acties, Google). Na herstel dien je een verzoek tot heroverweging in. De beste bescherming is simpel: gebruik geen trucs zoals gekochte links of automatisch gegenereerde teksten.
Google Search Console naast Google Analytics
Search Console en Analytics vullen elkaar aan. Search Console laat zien wat er in Google gebeurt vóór de klik: op welke zoekopdrachten je verschijnt en hoe vaak mensen doorklikken. Google Analytics meet wat bezoekers daarna op je site doen: hoe lang ze blijven en of ze contact opnemen of iets kopen. Google raadt marketeers zelf aan Search Console te combineren met andere Google-tools zoals Analytics, Trends en Ads (bron: Over Search Console, Google). Search Console gaat over je website. Je bedrijfsgegevens in Google, zoals adres en openingstijden, beheer je in het Google Bedrijfsprofiel, een onderdeel van lokale vindbaarheid.
Wat Search Console niet doet
Search Console meet en signaleert, maar verbetert je posities niet zelf. Een aanvraag voor indexering is geen garantie op opname. Ook een geïndexeerde pagina verschijnt niet automatisch bij elke zoekopdracht. De gemiddelde positie is een gemiddelde over alle vertoningen. Zoek je zelf op hetzelfde woord, dan zie je mogelijk een andere positie, omdat Google de resultaten afstemt op tijd, plaats, apparaat en zoekgeschiedenis. Niemand kan je een plek in Google garanderen. Wat Search Console wel doet: je laten zien waar het misgaat, zodat je gericht kunt verbeteren.
Beginnen in vijf stappen
- Log in met je Google-account en voeg je site toe als domeinproperty.
- Verifieer je eigendom met het DNS-record dat Search Console je geeft.
- Dien je sitemap in via het rapport Sitemaps, als je site er een heeft.
- Kijk na een paar dagen in het prestatierapport welke zoekopdrachten vertoningen opleveren.
- Controleer met de URL-inspectietool of je belangrijkste pagina’s in de index staan. Bij een grote site gebruik je daarvoor het rapport Pagina-indexering.
Kijk daarna eens per maand in het prestatierapport. Zo zie je een daling in klikken of een nieuw indexeringsprobleem op tijd, nog voordat je bezoekersaantallen het laten merken.
